2012 | KAMPIOEN VAN NEDERLAND

2016
Winnaar Ron Berteling Schaal
Het Geleense team won de boeiende en spannende openingswedstrijd van het nieuwe ijshockeyseizoen met 4-3 van Unis Flyers Heerenveen. Buiten was het 26 graden, binnen was het lekker koel, maar desondanks vlogen op het ijs de vonken er vanaf. In de eerste periode opende Krzak voor Eaters de score in een overtalsituatie, maar Flyers kwam – eveneens in een overtalsituatie – gelijk door een doelpunt van Turcotte. In de tweede periode kwam Flyers op 1-2. De Finse import Jonas Huovinen maakte gelijk en Jeffrey Mens schoot aan het slot van de tweede periode via een breakaway Eaters naar 3-2. De derde periode werd een ware ijshockeythriller. Flyers kwam opnieuw gelijk, maar met nog 5 minuten en 40 seconden op de klok bracht ditmaal Lars van Sloun de thuisploeg opnieuw op voorsprong. En die hield stand. Met de Ron Bertelingschaal wint Eaters voor het eerst in de historie van de club de supercup.
2014
Het mirakel van de Larry van Wieren Cup
Eaters en Kemphanen troffen elkaar een week later weer in de best-of-two serie om de Larry van Wieren Cup. Er was lange tijd onzekerheid over de opzet in deze serie, waarvan twee varianten bleken te zijn. In de ene was er sprake van doelsaldo als criterium wie er bij gelijke stand in de serie zou winnen. In de andere niet. Bij die laatste zouden alleen de punten tellen en zou bij gelijke stand in de serie na de tweede wedstrijd een penalty shoot-out de serie beslissen. De eerste wedstrijd in Eindhoven verliep dramatisch en zo langzamerhand symptomatisch voor Geleen (0-9). Sommige van de massaal meegereisde Eaters-fans konden het niet langer aanzien en verlieten vroegtijdig het ijsstadion. De teambegeleiding had tussentijds nog geïnformeerd naar de reglementen en kreeg te horen dat het doelsaldo in deze serie niet doorslaggevend zou zijn. Nog niets aan de hand dus… Totdat men op de terugweg in de bus op de hoogte werd gesteld van het feit dat het toch anders was. En zo leek het allerlaatste seizoensduel op Geleens ijs een formaliteit. Iedereen die in de ijshal die zondagavond 23 maart aanwezig was, was daarvan overtuigd. Het groot aantal Kamphanen-fans was in een feeststemming en bleef dat ook nadat Pippo Limnell na ruim vijf minuten de score opende. Ruim anderhalve minuut later verdubbelde Dean Moors de Geleense voorsprong. De normaal gesproken uiterst betrouwbare Eindhovense goalie Deniz Mollen zag er niet goed uit en bleek zijn avond niet te hebben. In de slotminuut van de eerste periode wist ook Jeffrey Mens hem te kloppen en een simpel rekensommetje leerde dat als Eaters zo door zou gaan, een verlenging er in zou zitten. Toch was er nog niemand die daar serieus rekening mee hield, ook niet toen Bryan Kolodziejczyk er in de derde minuut van de tweede periode 4-0 van maakte. Bij de 5-0 van Lars Engwegen halverwege de periode begon het echter te kriebelen bij spelers en fans van beide ploegen. 37 Seconden na de tweede dweilpauze tekende Mikko Paloti voor de 6-0, waarop Mollen vervangen werd door Sterkens. Bijna negen minuten hield die zijn doel schoon en toen Pippo Limnell scoorde, was het hek van de dam. Nog geen minuut later scoorde ook Bryan Kolodziejczyk zijn tweede treffer van de avond en was het wachten op de gelijkmaker in de serie. Maar eerst moest Stef Verhulst aan de andere kant nog een paar keer alles uit de kast halen om dit wonder überhaupt mogelijk te maken. Uiteindelijk was het Akim Ramould die met minder dan vier minuten op de klok Glanerbrook op zijn grondvesten deed schudden. Een verlenging moest eraan te pas komen om het duel en daarmee de winst om de Larry van Wieren Cup te beslissen maar ook nu was het weer Stef Verhulst die een paar keer handelend moest optreden om die OT te halen. Dat het OT werd, was al een prestatie op zich maar zou niets betekenen als daarin alsnog verloren zou worden. Vijf minuten lang leek niet gescoord te worden en terwijl iedereen zich al opmaakte voor een zenuwslopende penalty shoot-out, liet Glenn Bakx met een afstandsschot op acht (!) seconden van het einde de Geleense ijshal ontploffen. Een uitermate bizar einde van al een heel bizar seizoen. Maar wel een positief einde. De meest opmerkelijke come-back in de sportgeschiedenis.
2012
Na 44 jaar KAMPIOEN VAN NEDERLAND
De finale om het kampioenschap van Nederland tussen Hys The Hague en Ruijters Eaters Geleen begon op zaterdag 17 maart in Den Haag. Geleen kwam tot twee keer toe op voorsprong via Matt Glasser en Mike Looby maar moest in de voorlaatste minuut toestaan dat een verlenging gespeeld moest worden. Ook die wees geen winnaar aan en dus werden penalty shots genomen, waarin de thuisploeg aan het langste eind trok (3-2). Een dag later in Glanerbrook kwam Eaters wederom twee keer op voorsprong via Shawn Collymore en Ian McDonald maar nu wist men met een derde treffer (Matt Glasser) de drie punten vast te houden. Twee dagen daarna stond er vlak vóór tijd weer een 2-2 tussenstand op het scoreboard, waarbij Akim Ramoul en David Burgess voor de Geleense treffers hadden gezorgd. Nu betekende een laat Haags doelpunt echter geen verlenging. Na het laatste fluitsignaal zorgden frustraties op en naast het ijs voor de nodige onwenselijke taferelen en een geladen sfeer in de ijshal van Glanerbrook voor duel nummer vier. In feite was dit de beslissing in de serie, want waar Den Haag – weliswaar zonder twee geschorste spelers – wellicht met de betere individuele krachten en een 2-1 voorsprong in de best-of-five serie aan de vooravond leek te staan van weer een sportief succes, was het Ruijters Eaters dat – zonder topscorer Ian McDonald en de van een operatie herstellende Dennis ten Bokkel – de betere teaminstelling had. Met het shirt van de teamcaptain achter de spelersbank ter inspiratie, speelde Ruijters Eaters met heel hun hart. De 5-2 eindstand was niet eens geflatteerd, waarbij de Geleense treffers van de sticks kwamen van David Burgess, Matt Glasser, Akim Ramoul, Jeffrey Mens en Shawn Collymore. De Haagse ploeg voelde nattigheid en greep naar alle geoorloofde en ongeoorloofde middelen, waardoor de bekerwinnaar na de wedstrijd (!) nog tegen 2 match penalties aanliep… Tijdens het beslissende vijfde duel in Den Haag op 25 maart 2012 waren honderden meegereisde fans – en duizenden dankzij L1 thuis aan de buis gekluisterd – getuige van de eerste landstitel van Geleen in het 44-jarig bestaan van ijshockey aan de Kummenaedestraat. Ook hier was de eindstand niet eens geflatteerd: 1-7! Lars van Sloun opende de score en Shawn Collymore verdubbelde de voorsprong. Een tegentreffer van de thuisploeg deerde de Limburgse ijshockeymachine niet die genadeloos doordenderde en de supporters bijna dronken voerde. Kay Gielen, Matt Glasser, Lars van Sloun, Shawn Collymore en Mike Looby zorgden voor een ongekend positieve afloop van het ijshockeyseizoen 2011/2012. Honderden fans stonden midden in de nacht op de parkeerplaats van Glanerbrook om hun helden te verwelkomen in Geleen. Een week later, bij de huldiging vóór het gemeentehuis, vormde een vol marktplein het bewijs dat Geleen de prestatie van de spelersgroep van Chris Eimers en zijn assistent Ray Gallagher op waarde wist te schatten.
2010
2e Bekerwinst van Nederland
Onder het credo One Team, One Goal werd op 20 januari 2010 historie geschreven in Eindhoven. Na een 2-0 voorsprong dankzij treffers van Lars van Sloun en Brent Gauvreau, kwam Den Haag in de derde periode sterk terug tot 2-2. Toch was het Geleen dat uiteindelijk de grote beker mee naar huis mocht nemen na een heuse buzzer beater van Mike Forgie. Ruijters Eaters kon met opgeheven hoofd terugkijken op een uitermate geslaagd seizoen 2009-2010. Tastbare bewijzen daarvan waren de bekerwinst tegen Den Haag en de onderscheidingen voor Sami Heinonen en Ziga Svete (resp. beste goalie en verdediger van het Nederlandse ijshockeyseizoen). David Burgess werd met 35 doelpunten en 45 assists uit 53 wedstrijden topscoorder van de ploeg (en achtste van Nederland), gevolgd door Mike Forgie (49 duels, 24 treffers en 44 assists) en Brent Gauvreau (22 goals en 31 assists in 42 wedstrijden). Lars van Sloun, dè revelatie van het seizoen, was goed voor 20 treffers en 25 assists in 53 duels en eindigde daarmee op de vierde plaats.
1993
Villach en Bekerwinaar van Nederland
Dan zal het nú moeten gebeuren, dacht men aan de vooravond van het 25e seizoen. De “B-train” bleef intact en denderde voort. Met Brian de Leeuw en Danny Schalij werden tevens twee uitstekende Nederlandse Canadezen vastgelegd. Tommie Hartogs keerde na een jaar in Tilburg weer terug in Geleen en verder verscheen er nog een speler op het Geleense toneel wiens naam nog bij velen een glimlach oproept: Jamie Vanderhorst. Voor het eerst in het bestaan van de club speelde de Eaters Europacup 1. Utrecht was direct na het behaalde kampioenschap failliet gegaan, en Geleen werd gevraagd hun plaats in te nemen. In de eerste ronde trof men in Villach de thuisploeg en het gevreesde Dynamo Minsk, de Wit-Russische en voormalige Sovjetkampioenen. De eerste wedstrijd tegen VSV ging met 5-1 verloren, maar in de tweede wedstrijd steeg Meetpoint Eaters boven zichzelf uit. Dankzij een fabelachtig keepende Hans Baggen en een in topvorm verkerende Chris Brant werd favoriet Dynamo een gevoelige 2-1 nederlaag toegebracht. VSV had daarna geen kind meer aan de gedemotiveerde Witrussen en ging via opnieuw een 5-1 overwinning door naar de 2de ronde. “Die Rote Fresser”, zoals er met ontzag over Geleen werd geschreven in de lokale kranten, waren weliswaar uitgeschakeld, maar konden het Europese strijdtoneel met opgeheven hoofd verlaten. Later in het seizoen verkaste Troy Binnie naar Dallas en werd hij vervangen door de Oostenrijkse Canadees Rob Friesen. De veelbelovende Nederlandse Canadees Brian Bruininks brak in het duel tegen VSV Villach zijn enkel en zou de rest van het seizoen uitgeschakeld zijn. Hij werd kortstondig vervangen door Eddy Ljubicic, die echter veel van zijn glans als gladiator bij de Rotterdam Panda’s had verloren. Hierop werd een van de meest controversiële maar ook zeker een van de beste imports, zo niet de beste in de geschiedenis van de Smoke Eaters aangetrokken: ex-Vancouver Canucks (NHL) Joe Charbonneau. Of hij een beslissende rol heeft gespeeld in het latere ontslag van Cliff Stewart is nog steeds niet helemaal duidelijk. De beker was de eerste prijs in de geschiedenis van de Eaters. In Eindhoven werden de Gunco Panda’s met 4-2 verslagen. Ron Berteling zette de Rotterdammers halverwege de tweede periode nog wel op voorsprong, maar daarna was het Geleen wat de klok sloeg. Door doelpunten van Brant, Charbonneau, Mari Saris en Risto Mollen werd de felbegeerde beker bemachtigd. Dat de Rotterdamse import Wayne Gagné daarna de eindstand nog op 4-2 bepaalde deerde eigenlijk niemand meer. De hoofdprijs – de landstitel – was echter niet weggelegd voor Cliff Stewart: aan de vooravond van de play-offs werd hij vervangen door Doug Karcharvic (afkomstig van Mannheim). Achteraf bleek dit een nadelig effect te hebben op de prestaties van het team. De huizenhoge favoriet stuitte in de finale op Flame Guards Nijmegen dat het gebrek aan techniek ruimschoots compenseerde door vechtlust, inzet en allerlei tactieken die het daglicht niet konden verdragen. Eerder werd in de halve finale Lepelaers Trappers Tilburg verslagen, door onder meer een verpletterende 10-2 overwinning in de laatste wedstrijd (6-1, 8-5, 3-5, 7-4, 10-2) De finalereeks ging gebukt onder incidenten. Zo ging het team uit de Keizerstad in de derde wedstrijd van het ijs nadat de ploeg binnen een half uur op grote achterstand (7-0) werd gezet. Spelers (o.a. Maik Aertsen) hakten genadeloos op toeschouwers in en de Eaters keek het geheel met lede ogen aan. Deze wedstrijd werd dan ook reglementair met 5-0 door Geleen gewonnen. De eerste wedstrijd was al met 7-2 gewonnen, terwijl in Nijmegen met 3-6 werd verloren. De NIJB greep niet adequaat in en schorste slechts een klein aantal spelers (Maik Aertsen, Ben Tijnagel, Alex Schaafsma en coach Danny Cuomo) in plaats van de club te bestraffen. Geleen nam in de vierde wedstrijd in Nijmegen wel een 3-0 voorsprong, maar de ploeg zakte op onvoorstelbare wijze in elkaar: 3-4. Nijmegen zag haar kans schoon en wist de vijfde wedstrijd in Geleen zelfs met 2-3 te winnen, maar slechts nadat de confrontatie opgeschrikt werd door een heuse bommelding waardoor de wedstrijd onderbroken en de “bomvolle” ijshal ontruimd werd. Vandaag de dag spreekt men in Geleen nog schande van dit incident en is men er van overtuigd dat de dader in het Gelderse gezocht moet worden. Sommigen weten zelfs te melden dat de Nijmeegse spelersbus de gehele wedstrijd met draaiende motor op de parkeerplaats heeft gestaan zodat de spelers in een warme omgeving konden wachten terwijl de Geleense spelers en scheidsrechter Tamme Engelsman buiten in de kou (het vroor een paar graden) tussen het publiek stonden. De waarheid zal hoogstwaarschijnlijk nooit boven water komen. Nadat de laatste wedstrijd met 3-7 verloren ging, ging de titel dus wederom aan de Geleense neus voorbij. Rick Boh werd tijdens de competitie nog op een amateuristische maar daarom niet minder mis te verstane wijze getrakteerd op een drievoudige kaakbreuk dankzij een stickslag van Nijmegenaar Ron Plamont. Bohs revalidatie vorderde maar langzaam, en Rick zou het niveau van vóór de aanslag niet meer halen. Hij hing hierop (op 29-jarige leeftijd) zijn schaatsen aan de wilgen en begon een ijshockeywinkel in Noord-Amerika.
1988
Het tijdperk Gunco Panda's, weer 2e
Coach Mike Daski trok opnieuw een aantal goede spelers aan (Leo v/d Thillart, John Vorstenbosch, Tom Hartogs en (topscorer) Jeff Nelson en later Tim Driscoll en Kim Bosch). In de bekercompetitie werd Smoke Eaters nog vierde, maar toen kwam de zaak pas goed op stoom. Voor de derde keer in de laatste vier seizoenen stonden de Eaters in de finale, na in de halve finale favoriet en regerend landskampioen Spitman Nijmegen verrassend in twee duels te hebben verslagen. Vooral de eerste uitoverwinning (7-9) was voor heel ijshockeyend Nederland een surprise, thuis werd de zaak vakkundig afgemaakt (8-6). In de finale wachtte opnieuw Rotterdam, dat inmiddels ook Bill Wensink in de gelederen had. Eaters liet zich deze keer niet zo gemakkelijk naar de slachtbank leiden als twee jaar daarvoor, maar verloor uiteindelijk toch, in een memorabele finaleserie: De eerste wedstrijd in Rotterdam: 5-6 na verlenging (na een 5-2 voorsprong na 49 minuten!), 5-4 in Geleen, eveneens na verlenging, 3-4 in Rotterdam, 4-0 in Geleen, waarbij Glanerbrook zowat ontplofte, en 3-5 in Rotterdam, waarbij het team werd vergezeld door elf (!) supportersbussen. Ondanks de nederlaag werden de spelers na de laatste uitwedstrijd als kampioenen ontvangen op de parkeerplaats van Glanerbrook.
1985
Net niet...
Ook het seizoen daarop stond Peternousek nog aan het roer. De defensie was danig versterkt door de komst van Bill Wensink (Nijmegen), John Paans (Den Bosch) en Peter Paul van Rooy (Tilburg), en Conroy en Tenbult kregen voorin steun van topscorer Brian Sproxton (overgekomen van Amsterdam). Nadat men al tweede was geworden in de strijd om de beker (Eindhoven won met slecht één punt voorsprong) deed Smoke Eaters een serieuze gooi naar de titel. Lada GIJS Groningen, met onder andere Joep Franke en sloophamer Wayne van Dorp (met meer dan 200 wedstrijden in de NHL achter zijn naam) in de gelederen kroop echter in de allerlaatste wedstrijd door het oog van de naald (2-3 in Geleen), en eindigde met 2 punten voorsprong op de eerste plaats. Voor GIJS zou het bij dat ene kampioenschap blijven. Niet lang daarna ging GIJS Groningen failliet.
1971
Kampioen maar niet de titel
Al in het derde seizoen na de oprichting, eindigden The Smoke Eaters op de eerste plaats in de competitie. Men stond gelijk in punten met Tilburg maar de Eaters hadden een beter doelsaldo en de supporters vierden hun helden. Een dag later boorde de bond (die zetelde in de Tilburgse ijshal) die vreugde in het ijs en wees de titel aan Tilburg Trappers toe. Verouderde statuten nekten de Eaters. Slechts 3 buitenlandse profs of semi-profs bleken te worden toegelaten. Geleen werd buiten mededinging gesteld wegens het opstellen van 3 Tsjechen, 2 Canadezen en een Duitser. De 7 Afcent-Canadezen werden overigens niet als profs of semi-profs gezien, en vielen buiten deze regeling. De kern van de Geleense ijshockeyploeg van toen werd gevormd door Jerry Vos, Viktor Golhem, Hubert Sitko en trainer/speler Richard Blanche, aangevuld met de Afcenters Dave Gilhen, Peter Lloyd, Ben Lee, Gary Purcha, Craig Simpson en de verdedigende broers Colin en Ernie Lessyck. Winnend in de competitie maar geen titel; het waren legendarische wedstrijden tegen Tilburg Trappers, Red Eagles Den Bosch, HOKY Den Haag en voor de Cup International tegen CPL Luik, Brussel, Baden-Baden Raiders en Lahr Arrows.
1968
De oorsprong van de naam Smoke Eaters
Tot halverwege de jaren zestig was het voor Canada heel gewoon om simpelweg een lokaal amateurteam af te vaardigen als vertegenwoordiger voor Canada op de wereldkampioenschappen ijshockey. De Trail Smoke Eaters was één van die teams die werden afgevaardigd. Na eerder al in 1939 wereldkampioen te zijn geworden waren zij in 1961 in Grenoble het laatste Canadese amateurteam dat wereldkampioen werd. Onder invloed van de vele Afcent-Canadezen in het Geleense team werd voor deze naam gekozen. The Trail Smoke Eaters bestaan overigens nog steeds, het is tegenwoordig een collegeteam met spelers tussen de 17 en 20 jaar, dat uitkomt in de BCHL, de British Columbia Hockey League.
1968
What’s in a name…
Hoe het team uit Trail aan de naam “Smoke Eaters” kwam is een verhaal apart, en de moeite van het lezen zeker waard. Ga eens kijken op hun websitehttp://www.historicsmokeeaters.ca/index.html Het verhaal gaat terug tot 1929, en heeft in elk geval niets met de mijnbouw te maken, hoewel dit vaak gedacht werd in Trail en Geleen. In het begin bestond het team vooral uit Canadese Afcenters, gelegerd in het nabijgelegen Brunssum. De Praagse lente bracht Tsjechische dissidenten in de personen van Jiri Nasvetil, Vladi Potucek, George Bolyhovsky en meervoudig topscorers Jiri Anton en Mirek Vosatko naar Geleen. De laatste drie zouden de eerste twee seizoenen in de hoogste afdeling nog onder schuilnamen speelden (respectievelijk George Boley, Viktor Golhem en Jerry Vos). Via Duitsland kwam goalie Vaclav Sochor naar Geleen, waar hij – tot zijn onverwachte overlijden begin mei 2011 – altijd actief bleef binnen de begeleiding van Eaters.. De eerste contractspeler was René Labonté, overgewaaid uit Zuid-Afrika. Deze was later nog actief bij Olympia Heist op den Berg en als coach bij HIJC Herentals (B). Labonté ging Jerry Aucoin en goalie Doug Scott vooraf (beiden eveneens van de Kaapstad Maple Leafs) en Henny Davids werd de eerste echte manager. Eigen inbreng kwam van de 18-jarige Roy Joosten, later gevolgd door Henry Frenken, Mike Mulder, Peter van der Wal en Henny Willems. In 1968-1969 nam het Geleense vreemdelingenlegioen nog geen deel aan de eerste divisie. Een jaar later besloot de Nederlandse IJshockeybond, die blij was met de nieuwe aanwinst, om Afcenters als Nederlandse spelers te beschouwen. Verder hielden de Eaters zich keurig aan de reglementen en werd het maximale aantal buitenlanders (vijf) niet overschreden. Het team deelde niet alleen in de competitie de lakens uit maar ook in de Cup International, de voorloper van de huidige Coupe der Lage Landen. Smoke Eaters won in 1971 zelfs de laatste Coupe Brabant, ten koste van Tilburg en Den Bosch. Duizenden supporters kwamen in die dagen naar het koude, half open ijsstadion. In het eerste seizoen op het hoogste niveau (1969-1970) eindigden de Eaters op een derde plaats in de nationale competitie, die in die tijd nogal sterk ondergewaardeerd werd vergeleken bij de Cup International. S.IJ. Den Bosch werd kampioen. Topscorer bij Geleen was Dave Gilhen, met 8 doelpunten in 6 wedstrijden. Gilhen was al 39 jaar oud toen hij voor Geleen ging spelen, maar hij zou in de drie jaar dat hij hier actief was nog menig doelpunt scoren.