PRIJZEN-BANNER-50-JAAR

Mede-grondlegger van de Eaters Sjef Muijres op 91-jarige leeftijd overleden.

Vandaag bereikte ons het droevige bericht dat gisteren, 31 december 2018, op 91-jarige leeftijd onze oud penningmeester en mede-grondlegger van de Eaters Sjef Muijres is overleden.

Wij willen familie en nabestaanden hierbij veel sterkte toewensen.

Hieronder de passage uit het boek 50 jaar Eaters:

Sjef Muijres, pionier van het eerste uur
Passie met een gouden randje

Hij zit in zijn ‘pokerkamer’. Sigaretje aan, pokeren
op scherm een en sport kijken op scherm twee. Sjef
Muijres, 91 jaar, ‘ unne Sjeng’ die bij SBB (Stikstof
Bindings Bedrijf, onderdeel van DSM) werkte, daar
de liefde van zijn leven Hilde ontmoette en in Geleen
ging wonen. De enige nog levende bestuurder van
het eerste uur.

Een collega en vriend, Hein Davids, maakte hem attent op
het ijshockey en zo kwam Sjef al snel in het bestuur terecht.
Deed de geldzaken en daarnaast nog ‘van alles.’ “Thuis
zitten deed ik niet graag, ha, ha. ‘s Zondags al om half negen
naar de baan voor de jeugd, samen met jeugdleiders Harrie
Keulen en Jo Dehing. Om half een thuis eten en dan
weer terug. ’s Avonds de wedstrijd van de Eaters. Na de
wedstrijd eten met beide teams en dan stappen tot de
volgende ochtend.”

De financiële zaken werden toen nog allemaal met de hand
gedaan. Veel werk: “Hilde zei dat ik mijn bed maar op de
ijsbaan moest zetten,” giechelt hij. Canadezen van Afcent
waren de belangrijkste spelers in het eerste jaar. Als gevolg
van de Praagse Lente kwamen in 1969, de eerste jaren
onder schuilnaam, een handvol goede Tsjechen naar
Geleen. Onder hen de latere publiekslievelingen Jiri Anton
en Mirek Vosatko. The Smoke Eaters was een zeer sterk
team dat, buiten mededinging, kampioen van Nederland
werd en zelfs met gemak het Duitse Düsseldorf over de
knie legde.

Het ging voorspoedig tot 1974 toen voorzitter Jean Savelkoul
overleed en de club ècht in geldnood raakte. “Veur de
vieftiende kier failliet,” zegt hij met een big smile, om snel
te vervolgen met: “Grepke”. Hij herinnert zich 1974/1975
Sjef Muijres, pionier van het eerste uur
als het slechtste seizoen: “We werden opgeheven in 1975.
Ik moest zelfs voor de rechtbank verschijnen.” Met twinkelende
ogen: “Nooit meer wat van gehoord.”

Geld bij elkaar krijgen. Dàt was eigenlijk het voornaamste,
want ijshockey in stand houden kostte toen al veel
geld. Om een idee te geven vertelt hij dat hij in de glorietijd
(noemt tijd van de B-train: Boh, Binnie en Brant)
per maand tienduizend gulden nodig had om spelers te
kunnen betalen. In die tijd was Hans Lurvink burgemeester
van Geleen. Een man die heel veel voor de club voor
elkaar heeft gekregen, zeker op financieel gebied. Sjef
had veel contacten en ook dat hielp in de fundraising. Dat
leidde naar het voor Sjef mooiste jaar: de overwinning in
de Europacup op Dynamo Minsk in Villach en de eerste
bekerwinst in Eindhoven waar in 1993 de Gunco Panda’s
uit Rotterdam werden verslagen. Terug naar de eerste tien
jaar. Zonder aarzelen noemt hij Jiri Anton en Mirek Vosatko
als de allerbeste spelers van de club. Maar als hem
gevraagd wordt naar de beste goalie, gaat hij toch weer
vooruit naar 2009, toen Sami Heinonen overkwam van
Den Haag. Voor Sjef de beste goalie die hij ooit in Geleen
zag. Paul Tummers is volgens Sjef een prima voorzitter
geweest: “Een man die veel voor de club heeft gedaan en
Ger Ruijters de beste en trouwste sponsor.”

Er worden herinneringen opgehaald en anekdotes verteld.
Gesproken met spijt over de landelijke terugval van het
ijshockey. En dat leidt tot de vraag hoe de toekomst er
uit zal zien? Dan zegt Sjef op zachte toon: “IJshockey in
Nederland is toch een beetje naar de kloten. Het is nu een
sport voor echte liefhebbers.”

Op de vraag of hij het gouden bestaansfeest gaat bijwonen
heeft hij een mooi antwoord klaar: “Ik word 95 jaar en zal
aanwezig zijn. Dat is geregeld met Hierboven. Daar moet ik
drie weesgegroetjes per dag voor bidden.”